
Lees over de openheid van de Ons® Suite en hoe dit bijdraagt aan werkgemak en zorgkwaliteit.
De druk is voelbaar
Door Marjolein Tibbe
De druk op de zorg is overal voelbaar. Niet als een abstract tekort, maar als iets wat zich nestelt in de dagelijkse praktijk: in consulten die te kort zijn, overdrachten die te lang duren en professionals die ’s avonds nog achter hun scherm zitten om het werk van overdag zorgvuldig af te maken. Tegelijkertijd is er vooruitgang. Technisch hebben we de afgelopen jaren veel instrumenten ontwikkeld. We hebben eOverdracht, we hebben AI-ondersteuning bij verslaglegging, we hebben systemen die informatie kunnen delen over organisaties heen. Wie alleen naar de techniek kijkt, ziet een orkest met goede instrumenten en ervaren musici. Maar muziek ontstaat niet vanzelf.
Geplaatst op 12-02-2026

Neem eOverdracht. Technisch kunnen we inmiddels veel. Gegevens kunnen worden hergebruikt, dossiers kunnen grotendeels automatisch worden voorbereid en informatie kan gestructureerd worden overgedragen. De noten liggen op tafel. En in Nedap Ons® zijn we klaar om ze te spelen. Zodra gegevens beschikbaar zijn, kunnen we ze tonen. De viewer-functionaliteit is intern aanwezig. Informatie uit andere organisaties kan zichtbaar worden in de context van het eigen dossier. Zonder dat professionals naar andere platformen hoeven uit te wijken. Het orkest hoeft het podium niet te verlaten om een andere partij te horen. Netwerkzorg kan, technisch gezien, gewoon binnen het dossier plaatsvinden.
Maar in de praktijk zie je dat zorgprofessionals vaak alsnog alles opnieuw vastleggen. Niet alleen omdat ze de techniek wantrouwen of omdat ze zich verantwoordelijk voelen voor wat er uiteindelijk klinkt. Soms ook omdat ze niet precies weten wat er al mogelijk is. Welke gegevens al beschikbaar zijn. Hoe ze die kunnen bekijken. Wat ze mogen vertrouwen. Onbekendheid kan net zo goed tot solospel leiden als wantrouwen. Niemand wil de valse noot zijn in een overdracht waar iemand anders op moet voortbouwen. Dat vraagt vertrouwen. En vertrouwen ontstaat niet alleen door techniek, maar door afspraken, herhaling en gezamenlijke werkwijzen, én door zichtbaarheid van wat er al kan. Zolang organisaties en regio’s hun processen verschillend hebben ingericht, blijft iedereen zijn eigen partij spelen. Dan klinkt eOverdracht technisch gezien misschien goed, maar voelt het voor de professional nog als solospel.
Dat beschikbare techniek niet automatisch tot samenspel leidt, werd voor mij scherp zichtbaar toen ik hoorde van een huisarts die toegang heeft tot een AI-oplossing die meeluistert tijdens het consult en een SOEP-rapportage voorstelt. Geen automatische waarheid, maar een suggestie. De techniek is ver genoeg om het werk te ondersteunen, maar nog niet perfect. De huisarts gebruikt het niet. Niet omdat hij tegen innovatie is, maar omdat hij niet zeker weet of hij erop kan bouwen. Misschien kent hij de grenzen niet precies. Misschien heeft hij het nog niet vaak genoeg geprobeerd om erop te vertrouwen. Hij kent zijn eigen partij door en door, maar het samenspel voelt nog onwennig. Wat hier zichtbaar wordt, is dat technische oplossingen in de zorg vragen om meer dan nieuwe instrumenten. Het vraagt om repetitie. Om processen die regionaal en organisatorisch op elkaar worden afgestemd. Om duidelijke afspraken over wie wanneer inzet, wie corrigeert en wie eindverantwoordelijk is. Dat is spannend. Het raakt aan autonomie, routines en hoe organisaties zichzelf hebben ingericht.
De techniek is inmiddels verder dan we soms denken. De instrumenten zijn er. In de Ons® Suite kunnen we data tonen, in samenhang bekijken en benutten zodra die beschikbaar is. Maar harmonie ontstaat niet door beschikbaarheid alleen. Voor de zorgprofessional moet eOverdracht voelen als ondersteuning, niet als extra controle. Voor de mantelzorger moet het samenspel leiden tot duidelijkheid en voorspelbaarheid. Voor de patiënt moet het resultaat zijn dat zorg als één geheel klinkt, ook als meerdere organisaties betrokken zijn. Voor mij voelt het alsof we een orkest hebben waarin iedereen zijn instrument beheerst, waarin de techniek klaarstaat, maar waarin nog weinig samen is gerepeteerd, en waarin nog niet iedereen precies weet welke muziek al mogelijk is. We wachten tot het moment waarop het vanzelf goed klinkt, terwijl muziek juist ontstaat door samen te spelen, fouten te maken en opnieuw te beginnen.
Misschien moeten we minder wachten op de perfecte uitvoering, en vaker besluiten dat het tijd is om samen te spelen. De techniek staat.
De mogelijkheden zijn er.
De vraag is, durven we ze ook echt te gebruiken? Weet jij hoe we duidelijker kunnen maken wat er al kan?
Hoe we professionals beter laten zien welke muziek al mogelijk is?
Hoe we van solospel naar samenspel komen? Laat het me weten.
Stuur me een bericht.
Ik kom graag in contact met iedereen die hier concreet stappen in wil zetten. Practice makes perfect.
Marjolein Tibbe is een gedreven expert op het gebied van interoperabiliteit en netwerkzorg bij Nedap. Met een sterke focus op samenwerking tussen zorgorganisaties en technologiepartners zet zij zich in voor het vereenvoudigen van gegevensuitwisseling en het verminderen van administratieve lasten voor zorgprofessionals.